Handbalsters beginnen met nieuwe coach aan WK: ‘Hij wil alleen maar rennen’

0
6

Een nieuwe coach, een gestopte topspeelster, drie debutanten en een nieuwe opzet: voor de Nederlandse handbalsters is er veel nieuw op het WK, dat zaterdag begint in Japan.

Het is het eerste titeltoernooi dat de handbalsters spelen met Emmanuel Mayonnade (roepnaam: Manu) langs de lijn. De Fransman, die zijn klus bij Oranje combineert met een baan als coach van de Franse topclub Metz, volgde in februari de Deense Helle Thomsen op als bondscoach.

Voor het vroege vertrek naar Japan – de handbalselectie stapte tien dagen voor de eerste wedstrijd al op het vliegtuig – sprak Mayonnade zijn bescheiden verwachtingen voor het WK uit. “Ik denk dat we er op dit moment nog niet klaar voor zijn, maar we hebben nog veel trainingen om ons klaar te stomen voor de eerste wedstrijd tegen Slovenië. We willen bij de eerste zes eindigen.”

Bekijk hieronder de reportage die Han Kock maakte voor de start van het WK handbal:

Mayonnade vertelde ook dat hij zijn speelsters eigenlijk nog nauwelijks gezien had: een week in maart, twee weken in juni en een week in september. Dat komt vooral door de drukke programma’s die de internationals bij hun clubs hebben.

De bondscoach van Oranje heeft een duidelijke opdracht voor zijn speelsters: hij wil dat zijn ploeg op het WK vooral snel handbal gaat spelen. “We moeten heel veel rennen en creatief in de aanval zijn. We hebben veel creatieve speelsters, ik hoef ze niet te vertellen wat ze moeten doen”, aldus Mayonnade.

Snelheid als wapen tegen fysieke ploegen

Estavana Polman is een van die creatieve speelsters in het Nederlands team. “Hij speelt wat anders dan we gewend zijn: veel creativiteit, in de dekking wat agressiever. Maar vooral snelheid, hij wil alleen maar rennen”, schetst ze de aanpak van de nieuwe bondscoach. “Soms word je er wel moe van, hoor”, zegt de speelster die dit seizoen goed op dreef is bij haar Deense club Esbjerg.

Volgens Mayonnade, maar ook volgens de speelsters, kan snelheid op het WK een belangrijk wapen zijn tegen fysiek sterke ploegen zoals Frankrijk en Rusland. “Als je naar onze spelerslijst kijkt, zie je geen heel grote, zware mensen ertussen staan. Maar ik denk dat we ons mannetje goed staan op veel posities. En waar we wat minder sterk zijn, kunnen we dat met snelheid compenseren”, zegt Danick Snelder, die dit jaar herstelde van een hernia.

In maart maakte de NOS een reportage over de werkwijze van Mayonnade en zijn missie: het creatieve, dynamische handbal, waar Oranje de afgelopen jaren zo bekend om stond en veelal om werd geprezen, laten terugkeren. Bekijk de reportage hieronder:

“Het team is heel jong. De gemiddelde leeftijd is 23 jaar, dat is zo’n vier jaar jonger dan de Franse en Russische nationale teams”, aldus de Franse bondscoach, die niet over Nycke Groot kan beschikken. De sterspeelster kondigde in januari aan dat ze niet meer voor Oranje wil uitkomen, omdat ze het fysiek niet meer aankan om op topniveau te spelen bij zowel haar club als de Nederlandse ploeg.

Mayonnade heeft drie debutanten in zijn WK-selectie opgenomen: keepster Annick Lipman (30), Larissa Nüsser (19) en Bo van Wetering (20) bereiden zich voor op hun eerste eindtoernooi.

De Nederlandse handbalsters zijn sinds 2015 niet meer naast het podium geëindigd op EK’s en WK’s: de afgelopen vier toernooien leverden twee zilveren (WK 2015 en EK 2016) en twee bronzen (WK 2017 en EK 2018) medailles op.

Kan Oranje op dit WK opnieuw om de prijzen meedoen? Linkeropbouwspeelster Loïs Abbingh: “Dat is de vraag. We hebben nog niet eerder met zo veel nieuwe mensen op een toernooi gespeeld. Dus dat is even afwachten.”

“Nycke Groot is er niet meer bij, er zullen jonge meiden moeten opstaan, oudere meiden zullen nog meer verantwoordelijkheid moeten nemen. Dat is allemaal heel erg spannend”, vult keepster Tess Wester aan.

De ploeg is ook nog niet geplaatst voor de Olympische Spelen van volgend jaar in Tokio, in 2016 eindigde Nederland in Rio de Janeiro als vierde. Een olympisch startbewijs is dit WK te verdienen, maar de lat daarvoor ligt hoog: alleen de wereldkampioen verdient een ticket.

Voor de overige startbewijzen is er in maart nog het olympisch kwalificatietoernooi (OKT).

“We hebben een powerpointpresentatie gehad”, zegt Wester over de olympische eisen. Daaraan zitten nog wel de nodige haken en ogen, maar de keepster van Oranje schetst het uitgangspunt kort en bondig. “We moeten bij de beste zeven landen zitten om ons voor het OKT te plaatsen.”

Maar eerst het WK, met een nieuwe bondscoach en een nieuw aanvalsplan: veel rennen.

Bron: NOS

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

vier × 5 =