Prestigeproject FC Astana: ‘Goed voor het imago, slecht voor het voetbal’

0
11

FC Astana is het paradepaardje van het Kazachstaanse voetbal. Tenminste, dat willen de machthebbers in het gigantische steppeland, dat met een been in Europa en met een been in Azië staat, toch wel heel graag. Vanavond treft de ploeg AZ in de Europa League en kan het uitblinken op een groot podium.

Sjoerd Blankevoort schreef zijn masterscriptie aan de Universiteit van Leiden over de rol van onder andere de wielerploeg Astana in de vorming van de Kazachstaanse identiteit. Wat heeft de wielerploeg te maken met de voetbalploeg? Alles.

“Toen Kazachstan in 1991 onafhankelijk werd, was het de enige voormalige Sovjetstaat waar de naamgevende bevolkingsgroep de minderheid vormde”, legt Blankevoort uit. “Etnische Kazachen wonen veelal buiten de steden, maar de meerderheid in het land bestaat uit Russen en Oekraïners.”

“Dat stelde de regering voor een dilemma: om het recht op een eigen staat te legitimeren, moest de Kazachse identiteit benadrukt worden. Maar tegelijkertijd kon het regime het zich niet veroorloven om de andere bevolkingsgroepen tegen zich in het harnas te jagen.”

Vinokoerov

De oplossing werd gevonden in moderniteit: Astana werd de nieuwe hoofdstad (tegenwoordig is die alweer omgedoopt in Nur-Sultan), waar fonkelende bouwwerken van internationaal vermaarde architecten de toekomst van het land verbeelden. En via de sport hoopten de machthebbers op internationale status en binnenlandse trots.

“Met dank aan Aleksandr Vinokoerov?”, herhaalt Blankevoort de vraag. “Dat is wel scherp gesteld, maar je zou het zo kunnen zeggen.”

Wielrenner Vinokoerov was degene die in 2006 met Kazachstaanse sponsoren op de proppen kwam toen zijn toenmalige ploeg Liberty Seguros ermee stopte vanwege betrokkenheid bij het schandaal rond dopingarts Eufemiano Fuentes.

Een paar maanden later greep ‘Vino’ in het lichtblauwe shirt van zijn nieuwe werkgever met Kazachstaans embleem op de borst drie etappes en de eindzege in de Vuelta. De hele wereld maakte kennis met Astana en op zijn troon in de hoofdstad glom president Nursultan Nazarbajev van trots. De strategie werkte.

‘Astana is wat telt’

Blankevoort: “Vinokoerov is een etnische Rus en dé nationale held van Kazachstan. Hij representeert alles waar het regime van Nazarbajev naar streefde: modern, toekomstgericht en met een grote status in het buitenland.”

“Zijn overwinningen, maar ook die van ploeggenoten Alberto Contador, Vincenzo Nibali of Jakob Fuglsang, worden naar de bevolking gepresenteerd als overwinningen voor Kazachstan. In feite maakt het niet uit of het buitenlanders zijn of Kazachen, als het maar Astana is.”

De strategie lijkt te werken. “Uit onderzoek blijkt dat de meeste Kazachen trots zijn op hun sportploegen”, weet Blankevoort. “Al kun je je afvragen of mensen ook het tegendeel zouden durven beweren. Het is toch een autoritaire staat. Wat betreft persvrijheid of democratie staat Kazachstan altijd onderaan, dan is sport een vrij makkelijke manier om succes uit te stralen.”

Staatsproject

In 2008 werd de voetbalclub FK Astana opgericht, net als de wielerploeg gehuld in lichtblauw en geel. De club nam de licentie over van twee clubs uit Almaty, maar feitelijk kwam het in de plaats van het oude, traditionele FK Astana uit 1964.

Met die laatstgenoemde club werd de Nederlandse coach Arno Pijpers kort daarvoor nog kampioen. “Het oude Astana was een club die geworteld was in de stad, ook toen die stad nog Tselinograd en Akola heette”, vertelt hij vanuit de Franse Dordogne, waar hij na vele omzwervingen in Oost-Europa tegenwoordig is neergestreken.

“Toen ze met veel bombarie en met heel veel geld met die nieuwe club kwamen, was het echter voorbij. In 2009 ging de traditionele club failliet. Maar supporters hebben nog altijd meer met die oude, dan met de nieuwe club”, aldus de trainer die ook even bondscoach was van Kazachstan.

Sinds 2012 worden de belangrijkste sportieve uithangborden van het land (de wielerploeg, de voetbalclub en ook ijshockeyclub Barys Astana, uitkomend in de prestigieuze Kontinental Hockey League) ondersteund door de Astana Presidential Club.

Het miljardenfonds Samruk-Kazyna, waarin de grootste Kazachstaanse staatsbedrijven verzameld zijn, is de grote geldschieter.

In 2013 keerde Pijpers nog een seizoen terug om te werken bij Taraz, in het zuiden van Kazachstan. Hij zag met eigen ogen wat het grote geld met het voetbal, dat vooral een prestigieus uithangbord moet zijn, heeft gedaan. “Voor het imago van de machthebbers is het misschien mooi, maar voor het voetbal is het slecht”, stelt Pijpers, die ziet dat er met eigen talent weinig tot niets wordt gedaan.

“Ik werkte nog veel met jonge Kazachse spelers, maar bij FC Astana krijgen zij bijna geen kans meer. Daar kiezen ze toch voor het snelle succes, met buitenlanders.”

Spanningen tussen bevolkingsgroepen

Dat buitenlanders bij Astana snel in de armen worden gesloten, verbaast Pijpers niet. “In Taraz werkte ik in een echte Kazachse omgeving, veel emotioneler en ‘Aziatischer’ dan bijvoorbeeld in Astana of Almaty. Maar ik heb vrijwel nooit spanning gevoeld tussen de bevolkingsgroepen, zoals dat zelfs in Estland wel speelde.”

“Ik zal je een voorbeeld geven: als bondscoach kwam ik eens in de kleedkamer en zag daar op dezelfde tafel een Russisch-orthodox altaartje en een islamitisch gebedshoekje staan. En aan die tafel stonden mijn spelers samen te bidden: mijn Russische spelers aan de ene kant, mijn Kazachse aan de andere. Wat dat betreft was Kazachstan toch ook wel een soort voorbeeld.”

Van een groot succes in het internationale voetbal kunnen we echter nog niet spreken, al bleef FC Astana in het seizoen 2015/16 bij het debuut in de Champions League wel mooi ongeslagen in eigen huis tegen Benfica, Atlético Madrid en Galatasaray. Daar bleef het echter bij. En of er ooit een cup met de grote oren omhoog kan worden gehouden, is zeer de vraag. Ook al is er veel geld.

“De bedragen liggen anders”, denkt Blankevoort. “Om een Tourwinnaar af te leveren, heb je zeker een miljoen of twintig nodig. Om serieus mee te doen met de Champions League gaat het om het tienvoudige. Dat gaat zelfs de Kazachen te ver.”

Bron: NOS

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

vier − drie =