‘We hebben met Dumoulin het elastiekje steeds verder opgerekt’

0
18

De knie, de knie, niets anders dan de knie. Daar leek in 2019 alles om te draaien bij Team Sunweb. De knie van Tom Dumoulin. Die functioneerde niet meer. Maar diezelfde knie bleek symbool te staan voor de samenwerking tussen Dumoulin en Sunweb. “We hebben met Tom al die jaren het elastiekje steeds verder opgerekt”, blikt teambaas Iwan Spekenbrink terug.

Een hokje op het Franse eiland Corsica, vlak bij de finish. In gedachten gaat Spekenbrink er even naar terug. Het is maart 2014 en in het bijna verlaten plaatsje Porto-Vecchio wordt de tweede etappe van het Criterium International verreden. Een tijdrit. Naast hem zit een jonge 23-jarige Limburger die net de snelste tijd heeft neergezet.

Hij wordt alsmaar nerveuzer als hij ziet dat de ene na de andere renner zich stukbijt op zijn tijd. ‘Ga ik hier mijn eerste profwedstrijd winnen?’, vraagt Dumoulin aan Spekenbrink. Ja, is het antwoord.

Spekenbrink bloeit weer even op als hij eraan terugdenkt. “De blijdschap die daar loskwam, was geweldig.” Het is een van de hoogtepunten die de teambaas opsomt als hij terugdenkt aan de acht jaar die Dumoulin onder contract stond bij zijn ploeg.

De Limburger groeide in die periode uit tot een van de beste ronderenners ter wereld en won onder meer de Giro d’Italia in 2017, als eerste Nederlander ooit, en het wereldkampioenschap tijdrijden.

Elastiek brak

Maar dat het de afgelopen jaren geen rozengeur en maneschijn meer was, zo werd in 2019 langzaamaan duidelijk. Juist in het jaar waarin Sunweb vol inzette op het winnen van de Tour de France, ging het mis. En brak het elastiek.

Dumoulin had zich, zeker na zijn tweede plaatsen in zowel de Giro als de Tour van 2018, ontwikkeld tot een van de beste renners ter wereld. En Sunweb bleef gewoon Sunweb, het evolueerde niet met hem mee.

Dat had nog verhuld kunnen worden met goede prestaties, maar die kwamen er niet. Dumoulin reed in het voorjaar de UAE Tour en de Tirreno-Adriatico, maar kwam niet verder dan ereplaatsen, in beide wedstrijden op ruime achterstand van Primoz Roglic (Jumbo-Visma).

De twijfels bij de Limburger namen toe. Hij maakte zich op voor de Giro, die hij op eigen verzoek toch ging rijden voorafgaand aan de Tour, maar daarin ging hij in de vierde etappe onderuit. Hij blesseerde zijn knie, moest opgeven, en dat bleek het begin van het einde van het tijdperk-Dumoulin bij Sunweb.

‘Heeft sporen nagelaten’

In juli, nadat al enige tijd duidelijk was geworden dat Dumoulin de Tour niet zou kunnen rijden vanwege zijn knieblessure, kwamen de eerste berichten naar buiten: Dumoulin wilde weg. Spekenbrink probeerde er nog uit te komen met zijn pupil.

“Je pakt de dialoog op met Tom en dan kom je er gewoon achter dat we elkaar wel uitdagen, dat we heel veel met elkaar hebben bereikt, maar dat het ook zijn sporen heeft nagelaten.”

In augustus, toen Dumoulin zijn vertrek officieel bekend maakte, zei hij dat hij in al die jaren geregeld “lijnrecht tegenover de ploegleiding stond”.

Ook over het gebruik van ketonen zouden de meningen verschillen, zo werd gefluisterd. De leiding van Sunweb is er fel op tegen, ook al staat het niet op de dopinglijst. Concurrenten van Dumoulin, zoals Roglic bij Jumbo-Visma, gebruiken het middel (een lichaamseigen stof die als supplement gebruikt kan worden) sinds dit jaar wel.

Daarnaast was Dumoulin toe aan een nieuwe omgeving. “Ik maak het team niet meer beter en het team maakt mij niet beter.” Dumoulin vond een nieuw avontuur, bij Jumbo-Visma.

‘Nee, er was geen ruzie’

Het kwam aan als een mokerslag bij Spekenbrink. Sunweb had de laatste jaren het hele team omgebouwd, van een sprintersensemble tot een ploeg die een klassementsrenner kon ondersteunen, en dan vertrekt de belangrijkste pion. Terwijl hij ook nog eens een doorlopend contract had.

Het had alle ingrediënten in zich voor een vechtscheiding. Werd het dat ook? “Nee”, verzekert Spekenbrink vijf maanden later. “We waren er niet blij mee. Maar er is niets kapot. Er was ook geen ruzie, hoe graag mensen dat ook zouden zien.”

Spekenbrink geeft er nu een positieve draai aan: “Het elastiekje werd steeds verder opgerekt. Zo ging het ook met de knie: eigenlijk accepteren we niet dat we de Tour niet moeten rijden. Maar we gingen het toch proberen. We hebben er alles aan gedaan om maar beter te worden, om maximaal te presteren. En daar heb je ook tegenvallers in. Als je zó intensief leeft en je concludeert op een gegeven moment dat je net even wat minder energie krijgt of niet meer op en top gemotiveerd bent, dan vind ik het eigenlijk klasse dat je dat durft uit te spreken.”

Er kwam een regeling. Een bedrag met zes nullen zou er overgemaakt zijn als afkoopsom. “Ik ga daar helemaal niets over vertellen. We hebben het meest verstandige gedaan voor iedereen.” Dumoulin bezigde in augustus deze tegeltjeswijsheid: “Als je een deal hebt waar beide partijen niet blij mee zijn, dan heb je een goede deal.”

De succesformule Sunweb

Rest de vraag waar het dan precies misging in het eens zo goede huwelijk, die leidde tot de Giro-zege. En wanneer. Het verhaal dat rondzingt is dat Dumoulin niet meer paste in het regime van Sunweb waarbinnen het team belangrijker is dan het individu.

Spekenbrink zou teveel vasthouden aan de formule die hem in het verleden successen bracht. De formule die voorschrijft dat niemand dus belangrijker is dan het team. Is er succes? Het is van het team, niet van de sporter die wint.

Spekenbrink: “Dat vergt wel ontzettend veel van mensen. Dat presteren iets van elkaar is. Dat vergt ook een bepaalde ontwikkeling, je moet in staat zijn om succes iets gezamenlijks te laten zijn. Maar er kan een moment komen dat iemand daar wat minder behoefte aan heeft.”

Kittel, Degenkolb en Barguil

Marcel Kittel was een van die mensen. Hij begon bij Spekenbrink als onbekende renner en groeide uit tot ‘s werelds snelste sprinter. Hij zag het vertrek van Dumoulin afgelopen jaar al aankomen.

“Spekenbrink smeedt een ploeg voor jonge renners en die worden ook heel goed begeleid. Maar als renners kopman worden, moet je ze een zekere vrijheid geven. En dat vinden ze bij Sunweb heel moeilijk”, aldus de Duitser eerder deze maand in het tijdschrift Helden. “Het begon met mij, maar je zag hetzelfde probleem ontstaan met Warren Barguil en John Degenkolb. Daarna was het Tom.”

Spekenbrink stelt dat het vertrek van Kittel niet op dezelfde manier ging, maar zegt wel dat hij geenszins van plan is een andere filosofie te gaan hanteren.

“Als mensen heel veel Tourritten winnen, gele truien pakken of zelfs grote rondes winnen, juist door die manier van werken, dan is het heel gek als je die aanpak verandert. We beseffen dat onze sport veeleisend is. Je moet lang gemotiveerd blijven om dat te kunnen volhouden. Om succes iets van iedereen te laten zijn. Om open te staan voor nieuwe ideeën. Maar zolang het gaat, zullen wij natuurlijk aan die succesformule vasthouden.”

Nieuwe ‘unieke talenten’

Rouwig is Spekenbrink niet meer over het vertrek. Het is goed zo. Ook omdat de teambaas ervan overtuigd is dat hij nieuwe toptalenten onder contract heeft. Alleen wil hij nog geen namen noemen. En het is nog niet voor 2020, waarin Wilco Kelderman en Sam Oomen de prestaties moeten leveren.

“Wat daarachter zit, zijn echt unieke talenten. Dat zijn namen die het grote publiek nog niet kent, en ik ga ze nu zeker nog geen stempel opplakken door ze te noemen, want dan gaan mensen met veel te grote verwachtingen komen. Maar het zijn echt serieus grote talenten.”

Bron: NOS

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

1 × twee =